Henry Purcell (1659-1695)

Henry Purcell werd waarschijnlijk geboren in 1659 in Londen. Zijn vader Thomas Purcell was musicus en maakte deel uit van de Koninklijke Kapel. Al op jonge leeftijd bleek dat Henry een grote aanleg voor muziek had. Toen hij 10 jaar oud was werd hij koorknaap bij de Koninklijke Kapel. Nadat zijn stem was gebroken op veertienjarige leeftijd werd hij (zonder betaling) aangesteld als hulp van de conservator van de koninklijke blaasinstrumenten. In 1674, op vijftienjarige leeftijd werd hij orgelstemmer in de Westminster Abbey. Drie jaar later werd Henry aangesteld als 'composer-in-ordinary' van de koning. Vervolgens werd hij in 1679 organist van de Westminster Abbey. Zijn hele verdere leven is Purcell in dienst geweest van de koningen die Engeland in die tijd regeerden: eerst Karel II (een protestantse koning), toen Jacobus II (katholiek) en daarna Willem van Oranje en koningin Mary. Deze opeenvolgende koningen hadden nogal uiteenlopende ideeën, maar toch wist Henry zich bij elke volgende koning opnieuw te bewijzen. Van zijn gezinsleven is niet veel bekend. Hij is in 1681 getrouwd met Frances Peters. Zij kregen in totaal zes kinderen, waarvan er drie op zeer jonge leeftijd overleden. Purcell heeft zeer veel soorten composities geschreven. Veel muziek voor zowel de kerk als voor het hof. Daarnaast heeft hij ook werk geschreven voor het toneel: de opera Dido en Aeneas en een aantal semi-opera's, zoals The Fairy Queen en King Arthur. Beroemd zijn de vele "anthems" (een soort kerkelijke gezangen) en daarnaast Ode on Saint Cecilia's Day. Toen koningin Mary overleed in 1695 schreef Purcell muziek voor de begrafenis. Deze muziek werd ook uitgevoerd bij de begrafenis van Purcell zelf, bijna een jaar daarna. De muziek van Purcell komt vooral tot zijn recht als de muziek wordt uitgevoerd op oude instrumenten.