Recensies 2008





Vakantiemuziek met een sterretje
maandag 08 september 2008 | 00:26

Ongeveer vijftig mensen gingen naar Frankrijk om te musiceren in ensemble Qui Vive.
Wat ze daar een week geoefend hadden, lieten ze vanmiddag horen in de Antonius kathedraal. Muziekliefhebbers die gaan kamperen om muziek te maken, zijn natuurlijk niet bang van een regenbui. Hun publiek gelukkig ook niet, want terwijl het hemelwater met bakken naar beneden kwam, druppelde het publiek binnen.

Een onzichtbare zanger opende met een gregoriaans gezang het concert. Het orkest liet zich horen in een Concerto Grosso van Händel. Klein maar fijn was hun klank, helder en doorzichtig, waardoor je goed kon horen wat er in de muziek gebeurt. Het samenspel tussen de instrumentalisten was een mooi staaltje muzikaal pingpongspel, zoals je dat op vakantie graag speelt. Vivaldi zette de woorden van het Kyrie in lange muzikale lijnen. Geen makkelijke muziek om te zingen, want je moet goed opletten dat die lijnen niet in de war raken, anders gaat de muziek klonterig klinken. De zangers waren goed op hun qui vive, al moest dirigent Ad van Unen flink zwaaien om de vaart erin te houden.

Het hoogtepunt van het concert werd gevormd door de Five Negro Spirituals van Michael Tippett, die werden afgewisseld met Interludes van concert-meester en componist Quirijn Calis (1973). Hierin tovert Calis met zachte dissonanten, vloeiende melodieën en abrupte akkoorden allerlei stemmingen te voorschijn. Tippett schreef zijn Negro Spirituals voor koor zonder begeleiding, met eigen melodieën. Het is een goede prestatie van het koor dat ze dit zo mooi en trefzeker konden neerzetten. Tenslotte een Te Deum van Delalande, dat klonk alsof U, God, loven wij vooral een vrolijke zaak is. De solo's waren prettig om naar te luisteren, maar de lengte deed afbreuk aan de bijzondere sfeer van de muziek van Tippett en Calis.

Maar, aan het geïnspireerde resultaat te horen, moet het een fijne vakantie geweest zijn.