Qui Vive 2005

 

Mis in d-mineur KV 65
W.A. Mozart (1756-1791)
Koor en orkest

Vespers
S.V. Rachmaninow (1873-1943)
Koor

La tempesta di Mare
A. Vivaldi (1678-1714)
Orkest

Te Deum
M.R. Delalande (1657-1726)
Koor en orkest

 

Mis in d-mineur KV 65 van W.A. Mozart

Dit werk is geschreven in d-mineur, een ongebruikelijke toonsoort: het moest echter een mis voor de Vastentijd worden. De mis werd voor het eerst uitgevoerd op 5 februari in de Collegekerk in Salzburg bij de aanvang van de Veertigdagentijd.
Het manuscript van deze mis bevat twee eerdere, afgekeurde pogingen om het Benedictus op muziek te zetten. Mozart koos voor de derde versie met de chromatische toonzetting, die hij mogelijk pas een paar jaar later heeft toegevoegd.
De mis is in overeenstemming met het standaardmodel van de Missa brevis, waarin sommige frasen van het Credo "in elkaar zijn geschoven", dat wil zeggen dat verschillende delen van de tekst over andere zijn geplaatst terwille van de beknoptheid. Dit gebruik werd door de latere Aartsbisschop van Salzburg, graaf Hieronymus Colloredo afgekeurd, de aartsbisschop van dat moment Prins-Aartsbisschop Sigismund, graaf Schrattenbach, was toegeeflijker op dit gebied.

Vespers van S.V. Rachmaninov

Sergei Rachmaninov groeide op met religieuze muziek en componeerde in 1915 aan de vooravond van de Russische Revolutie zijn Vespers voor de Nachtwake van Pasen. Hij gebruikte daarvoor oorspronkelijke, eeuwenoude melodieën, waaraan hij in zetting en toevoegingen een eigen stijl gaf. Hij wist er een groots geheel van te maken door zijn "chorische orkestratie", waarbij hij de stemgroepen veelvuldig opsplitste. De eisen die aan het koor worden gesteld zijn zeer hoog: ze vragen een zeer grote stemomvang met extreem diepe baspartijen en hoge sopraanpassages. Voor Rachmaninov behoorde zijn Vespers tot zijn belangrijkste werken: de 5e hymne werd ook bij zijn begrafenis gezongen.
De Vespers (die wij in de westerse liturgie ook kennen, maar dan met deels andere teksten) is de avondgebedsdienst die werd uitgevoerd op zaterdagavond of aan de vooravond van een feestdag. In de Russisch-orthodoxe kloosters duurt deze wake voor de gehele nacht (ofwel de All-night Vigil) van de Vesperviering bij zonsondergang tot en met de vroege viering van de Metten bij zonsopgang. Rachmaninov heeft alleen de 15 vaste gezangen op muziek gezet, en zo duurt de totale compositie ongeveer een uur.
2. Blagoslovi dushe moya gospoda.
Gezegend zijt gij onze God.

Amen. Gezegend zijt gij mijn God. Prachtig zijn uw werken mijn God. Kom en leid ons. De wateren stromen uit de bergen. Prachtig zijn uw werken mijn God. Gij hebt alles geschapen. Ere zij u mijn God. Schepper van alles.
6. Bogoroditse Devo.
Moeder van God, Virgine.

Moeder van God, Virgine. Verheugt u, gezegend zijt gij Maria, Moeder van God. Verheugt u, verheugt u, Gij hebt onze verlosser gebaard. Redder van onze zielen. Gezegend zijt gij onder de vrouwen en gezegend is de vrucht van uw schoot. Gij hebt onze verlosser gebaard. Verlosser van onze zielen.

La tempesta di Mare van A. Vivaldi

Vivaldi was een meester in het toonzetten van sfeerbeelden en stemmingen, op een manier die velen nu nog steeds tot de verbeelding spreekt. Hij schildert met melodie, harmonie en klankkleur zoals een schilder kleuren mengt op zijn palet, daarbij steeds contrasten makend tussen levendige virtuositeit en verstilde eenvoud, licht en donker, het aardse en het hemelse.
Van het concert dat wij ten gehore brengen, 'La Tempesta di Mare' ofwel Storm op Zee, zijn verschillende versies bekend: een vioolconcert, een fluitconcert en een concert voor gemengde bezetting. Vreemd genoeg vertoont het vioolconcert slechts in grote lijnen gelijkenis met het fluitconcert, dat oorspronkelijk werd geschreven voor blokfluit maar later door Vivaldi zelf werd bewerkt voor de toen in opkomst zijnde traverso (flauto traverso / flute traversière; voorloper van de moderne dwarsfluit).
De versie voor gemengde bezetting echter, is wel gebaseerd op het fluitconcert, waarbij de strijkers deels zijn vervangen door blazers. Het resultaat is een een kamermuziekwerk voor solo fluit, hobo, viool en fagot, strijkers en basso continuo. Dit stuk met z'n afwisselende klankkleuren, was Qui Vive op het lijf geschreven en is dan ook gekozen voor dit concert.
Het eerste deel van 'La Tempesta' met zijn welhaast stormachtige energie, lijkt het meest verbonden met de titel. Toch stelt de muziek, zo wordt wel gesteld, niet zozeer een directe uitbeelding van een storm voor, als wel de opwinding en het plezier die men ervaart bij het waarnemen ervan op een afstand. Met de levendigheid die zo kenmerkend is voor Vivaldi, wisselen solo- en tuttipassages elkaar af.
In het middendeel lijken we ons plotseling in een windstilte te bevinden. Prachtig zijn de momenten, waar alleen fagot en clavecimbel met de fluit samenklinken. Een stilte voor de storm, wellicht, want het afsluitende presto is opnieuw een feestelijke uitbarsting van energie.
(met dank aan Saskia Teunisse-Schut)

Te Deum van M.R. Delalande

"Te Deum" zijn de eerste twee woorden van "Te Deum Laudamus", Latijn voor "Wij prijzen U, O God", een dankhymne. Het gezang vormt het slot van de Metten, het eerste ochtendgebed van de kloosterlingen. De Latijnse tekst is dikwijls gearrangeerd voor koor en orkest
Het Te Deum is één van de oudste liturgische gezangen van de westerse kerk. Vermoedelijk reeds ontstaan in de eerste eeuwen van onze jaartelling. Er bestaat hieromtrent een legende die vertelt dat bisschop Ambrosius van Milaan en kerkvader Augustinus van deze lofzang beurtelings een regel zouden gezongen bij de doop van Augustinus in 387. Jarenlang is deze hymne dan ook betiteld als 'Ambrosiaanse Lofzang'. Bisschop Ambrosius is echter niet de dichter geweest. De hymne wordt toegeschreven aan bisschop Nicetas van Remisiana, die in de vijfde eeuw in Dacië leefde. Waarschijnlijk hebben verschillende dichters eraan gewerkt en stammen de oudste delen reeds uit de derde eeuw.
Het Te Deum is geschreven in ritmisch proza en vertoont duidelijk overeenkomsten met de psalmen: net als in de psalmen worden zinnen in andere bewoording 'herhaald'. Ook zijn er verwantschappen met het Gloria en het Sanctus uit de Mis.
Ondanks de betrekkelijk jeugdige leeftijd (27 jaar!) waarop Delalande het Te Deum schreef lijkt dit meesterwerk al een samenvatting van zijn groot kunstenaarschap. Het werd voor het eerst in 1684 uitgevoerd in Versailles ter eer en glorie van God en de Koning.